User Manual 2.3/User Interface/nl
Contents |
Introductie
Om een goed begrip van de User Interface te krijgen is het belangrijk te weten wat in de applicatie zit.
Aan de linkerzijde van het scherm kan de gebruiker het menu zien, dat verborgen kan worden met de
pijl.
- Het menu wordt gebruikt voor de navigatie. In het menu treft de gebruiker alle schermen, processen en rapporten aan, afhankelijk van de ingestelde rol.
- De menuinhoud is afhankelijk van de gebruikersrol. Zo kan een gebruiker verschillende rollen hebben en zo verschillende zaken te zien krijgen. Gebruikers en rollen worden meestal beheerd door de systeem- of applicatiebeheerder. Lees verder over het menu
Door in het menu te klikken op ieder geselecteerd scherm zal het volgende aan de bovenzijde van daarvan verschijnen:
- Navigatiebalk met breadcrumb en veelgebruikte acties die in alle applicatieschermen gebruikt worden.
- Toolbar met unieke knoppen voor alle applicatieschermen.
Het deel aan de rechterzijde van het menu wordt werkgebied (Work Area) genoemd. Afhankelijk van de weergavemodus kan de gebruiker hier gegevens invoeren, transacties uitvoeren, rapportages bekijken of door de records lopen. Lees verder over de Work Area
Menu
Modulenorganisatie
Modulen zijn georganiseerd in mappen om de gebruiker te helpen onderscheid te maken tussen instelschermen en schermen waar de daadwerkelijke transacties worden uitgevoerd en waarin de gegevens worden geanalyseerd.
| Transacties | |||
| Instellingen | |||
| Analyse-tools |
Bewerkbare gebruikersvoorkeuren
Sluit applicatie-knop
Met een enkele klik kunt u de applicatie afsluiten.
In- en uitvouw-knoppen
Met een klik kunt u het menu uitvouwen en door gebruik te maken van de browser's CTRL+F zoekmogelijkheid, zoekt u naar ieder willekeurig element in het menu zonder door het hele menu te moeten klikken.
Navigeerbare Alerts Zone
Een alert is een notificatie die u informeert over of waarschuwt voor een essentiële of belangrijke situatie die zich heeft voorgedaan. Met een klik kunt u alle actieve alerts zien en bewerken.
Work Area
Het het werkgebied kunt u gegevens bekijken en bewerken van alle geselecteerde elementen van het applicatiemenu.
Weergave-modi
Alle applicatieschermen kunnen in twee modi weergegeven worden, de bewerkmodus en de gridmodus.
Bewerkmodus
Het bewerkmodus-scherm wordt gebruikt om records te bewerken en transacties uit te voeren.
Opmerking: De kleur van het potlood veranderd in rood als de gegevens in het scherm zijn veranderd. Dit is een gebruikbare herinnering dat het record opgeslagen moeten worden voordat naar een volgend record wordt gegaan. |
Gridmodus
| Het gridmodus-scherm wordt gebruikt om door meerdere records te lopen.
|
Navigatiebalk
De navigatiebalk met breadcrumb en veelvoorkomende acties gebruikt in alle applicatieschermen.
| Back | Ga naar het vorige record. | ||
| Reload | Ververs het record waaraan u nu werkt. | ||
| About | Toon de informatie over uw Openbravo-versie, licenties en vertalingen. | ||
| Help | Ga naar de bewerkbare, online hulp. |
Wat is een breadcrumb?
Een navigeerbaar pad waarmee gebruikers bij kunnen houden waar ze in de applicaties zitten te werken.
Toolbar
De Toolbar met unieke knoppen voor alle applicatieschermen heeft de volgende functies, die afhangen van het geactiveerde scherm:
Werkgebiedknoppen
Door de verschillende bewerkschermen heen hebben gebruikers aanvullende knoppen waarmee formulieren ingevuld kunnen worden, rapporten gereedgemaakt worden, etc.
Gebruikersmeldingen
Gebruikersmeldingen worden centraal getoond en hun functie is de gebruiker te informeren of waarschuwen over sommige, optredende situaties in de applicatie. Er zijn vier verschillende typen meldingen.
| Error Message | ||
| Success Message | ||
| Info Message | ||
| Warning Message |
Gekoppelde items
De gekoppelde-items-pictogram opent een scherm waarmee gebruikers alle records die op een of andere wijze met het huidige record zijn gerelateerd.
Category: User

